Burn-out

Proloog
Gepubliceerd: 31 maart 2016

afbeelding 2Een van de belangrijkste dingen die ik mijn stagiaires voorhield: Kijk naar het werk van anderen. Niet alleen dat van de coryfeeën maar ook naar de 'onderkant'. Leg voor jezelf vast waar de verschillen zitten. Kijk of een fotograaf bepaalde elementen herhaalt en dan bedoel ik geen stijltrucs maar bijvoorbeeld manieren van componeren en met kleurcombinaties omgaan. Zoek verschillen, vergelijk werk van Doisneau eens met dat van Henri Cartier-Bresson, of van Erwin Olaf.

Ooit heeft de onlangs overleden Harry Bakkers uit Eindhoven mij verteld: 'Een foto moet er "nieuw" uitzien.' Dat heb ik in mij opgeslagen, evenals de uitspraken van een oude leermeester en publieksfotograaf, Piet Politiek. Destijds berucht in de fotovakhandel: 'Wanneer je een ei op honderd verschillende manieren kunt fotograferen kun je alles fotograferen' en: 'Je wordt specialist door je investering.' Waaraan ik zelf toevoeg: 'Je moet een goed gevoel krijgen bij je onderwerp en er zo mogelijk diep in duiken. Zelfs al werk je voor een ingenieursbureau, een kussenfabrikant of een schoolboekenuitgever.'

Omzet, het hebben van 'hijgerige passies' voor fotografie (het is niets meer dan een registratiemethode, je zou net zo goed een passie voor borduren of kleien kunnen hebben), het winnen van awards (waar tachtig getalenteerden aan meedoen en er maar één kan winnen), daar gaat het allemaal niet om. Het gaat om het beeld dat er uit je handen komt, de liefde of fascinatie voor je onderwerp, een uitgebalanceerde techniek waar je echt voorspelbare resultaten mee kunt maken.

Ik kende een amateurfotograaf, Ab van de Bree, destijds onder meer een gewaardeerd lid van de bekende fotogroep De Muggen. Ik ben 'm (helaas) al lang uit het oog verloren. Hij viel mij op met een project (modefotografie) waar hij een jaar aan had gewerkt, naast een drukke baan. In de Deventer Bergkerk hingen (ouwe tijd, ontwikkelen en afdrukken!) 70 foto's van 60 x 80 die hij zelf perfect had afgedrukt op zijn zoldertje in zijn spaarzame vrije tijd. Mooie foto's. Aan de clubwedstrijd van de Deventer Fotoclub deed hij niet meer mee omdat hij altijd in de prijzen viel en hij anderen graag een kans gaf.

Op mijn vraag waarom hij zijn fotografie niet tot vak wilde maken kwam het antwoord: 'Ach weet je, ik heb een goede baan en twee studerende dochters. Bovendien ben ik nu mijn eigen baas en wordt niet gestuurd door art directors, redacteuren of de smaak van het publiek. En kan in rust mijn werk maken.'

Voor mij is Ab iemand die het heeft begrepen. Aan de ene kant is het jammer dat hij het 'vak' niet is ingerold, talenten genoeg, maar hij is een gelukkig en bescheiden mens zonder pretenties. Met een onvoorstelbare productie en vaardigheid. Iemand waar het niet om 'die passie' of de centen gaat maar om de inhoud. Met capaciteiten om jaloers op te worden. Dát vind ik respectabel. En bovendien iemand die waarschijnlijk nooit een burn-out zal krijgen van fotografisch werk omdat hij 'in liefde' werkt. En dat alles, daar ben ik eigenlijk, diep in mijn hart, een beetje jaloers op. En dat zouden wij misschien wel allemáál wel horen te zijn...