Cookies

Blog Het Recht NL
Gepubliceerd: 6 november 2019
Onder redactie van Mr. Kitty van Boven

advertentie

Dagcursus colormanagement

volgens ISO 12646:2008 en ISO 3664:2009

In Europa wordt het meer en meer noodzakelijk voor fotografen volgens de recente normen te werken, zowel voor de toelevering aan de grafische industrie als ook aan digitale (multi)media.

In de cursus worden ook andere aspecten behandeld die van invloed zijn op het communicatieve beeld: De menselijke perceptie en de kleurbeleving, hoe de zintuigen op her verkeerde been kunnen worden gezet, de interactie tussen kleur en menselijk gedrag.

ImageLink

Datacommunicatie & Uitgeefprojekten

Telefoon: +31 24 397 08 11
imagelink.photonmagazine.eu/dagcursus-colormanagement

view counter

afbeelding 28Op 1 oktober 2019 heeft de het Europees Hof van Justitie arrest gewezen in een zaak over cookies.[1] De rechtsvraag die het Europees Hof van Justitie beantwoord in dit arrest is: ‘is sprake van daadwerkelijke toestemming (in de zin van artikel 2, sub f jo. artikel 5, lid 3, van richtlijn 2002/58/EG) [2] wanneer wordt toegestaan door middel van een vooraf aangevinkt selectievakje dat door de gebruiker moet worden uitgevinkt ingeval hij weigert zijn toestemming te verlenen?’ In andere woorden: heeft men een website rechtsgeldige toestemming gegeven voor het gebruik van cookies als de website het toestemmingsvakje bij voorbaat heeft aangevinkt? Ik zal nu eerst een korte samenvatting van het onderliggende geschil geven en vervolgens het antwoord op de rechtsvraag behandelen.

Deze zaak volgt uit een geschil tussen de Duitse federale vereniging van consumentenbeschermingsorganisaties en de Duitse onderneming Planet49. Planet49 heeft gebruik gemaakt van standaard aangevinkte selectievakjes waarmee internetgebruikers die aan onlinereclameloterijen willen deelnemen, toestemming verlenen voor het plaatsen van cookies. Via deze cookies wordt informatie verzameld. Deze informatie wordt vervolgens gebruikt om reclame te maken voor producten van partners van Planet49.[3]

Het Europees Hof van Justitie verklaart voor recht dat een vooraf aangevinkt selectievakje dat door de gebruiker moet worden uitgevinkt ingeval hij weigert zijn toestemming te verlenen niet heeft te gelden als daadwerkelijke toestemming (in de zin van artikel 2 sub f jo. artikel 5 lid 3, van richtlijn 2002/58/EG). Het Europees Hof van Justitie volgt in dit arrest het advies van de advocaat-generaal die eerder aangaf dat de eis van een wilsuiting van de betrokkene naar een actieve en dus niet een passieve gedraging van de betrokkene verwijst.[4]

Verder verklaart het Europees Hof van Justitie voor recht dat niet relevant is bij de beantwoording van de eerdere vraag of de cookies al dan niet een persoonsgegeven zijn. Ook indien geen sprake is van een persoonsgegeven moet de gebruiker daadwerkelijk toestemming hebben gegeven voor het gebruik van de cookies door de aanbieder van diensten.

Tot slot verklaart het Europese Hof van Justitie voor recht dat een aanbieder van diensten de gebruiker van een website onder meer moet informeren over de vraag hoelang de cookies actief blijven en of derden al dan niet toegang tot de cookies kunnen hebben.

Al met al is het antwoord op de rechtsvraag dus: nee. Er is geen sprake van daadwerkelijke toestemming (in de zin van artikel 2, sub f jo. artikel 5, lid 3, van richtlijn 2002/58/EG) indien gebruik wordt gemaakt van een vooraf aangevinkt selectievakje.

[1] www.boek9.nl/items/iept20191001-hvjeu-planet49
curia.europa.eu/juris/document/document.jsf;jsessionid=D34EFAC208985F242885DE531410BC0E?text=&docid=218462&pageIndex=0&doclang=NL&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=927909

[2] richtlijn 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2002 betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie), zoals gewijzigd bij richtlijn 2009/136/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009, gelezen in samenhang met artikel 2, onder h), van richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, alsmede met artikel 4, punt 11, en artikel 6, lid 1, onder a), van verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).

[3] curia.europa.eu/jcms/upload/docs/application/pdf/2019-10/cp190125nl.pdf

[4] curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?text=&docid=212023&pageIndex=0&doclang=NL&mode=lst&dir=&occ=first&part=1&cid=929795.

view counter