Het Lightroom Eco-systeem

Gepubliceerd: 17 oktober 2011

Vanuit mijn praktijk als Lightroom-docent train ik jaarlijks een paar honderd fotografen die met het pakket aan de slag willen. Vaak gebruiken ze al Photoshop en doen ze hun raw-ontwikkeling bijgevolg met Adobe Camera Raw. De vraag rijst dan ook hoe over te schakelen van een Photoshop-centric workflow naar een Lightroom-centric aanpak: het Lightroom eco-systeem.

Lightroom is met zijn vijf modules eigenlijk een combinatie van drie paketten: het is in eerste instantie een beheerspakket, om de groeiende fotocollectie van de volume-fotograaf organisatorisch de baas te kunnen. Het is ook een publicatiepakket, dat de fotograaf toelaat om - zonder naar een andere applicatie over te gaan - bestanden online te zetten, in een diavoorstelling te gieten, of af te drukken. En tenslotte is het - jawel - ook een raw-ontwikkelaar.

afbeelding 1

Het grote verschil tussen Adobe Camera Raw en Lightroom zit ‘m echter niet in de raw-bewerking, integendeel: onder de motorkap zijn Adobe Camera Raw 6.5 (de momenteel recentste versie die bij Photoshop CS5 hoort) en de raw-ontwikkelaar van Lightroom’s Develop Module immers identiek. Je kan een raw-bestand krek hetzelfde ontwikkelen in Camera Raw als in Lightroom. De motor is gelijk, maar… Lightrooms carrosserie is een pak meer gestroomlijnd en het instrumentenbord een pak uitgebreider.

Zowel Lightroom als Camera Raw veranderen de beelden (data) niet zelf, maar houden alle wijzigingen bij in de vorm van instructiesets, die als data over de data, of zogeheten metadata - bewaard worden. Heb je net je raw bestand vierkant uitgesneden en naar zwartwit geconverteerd? Dan staat die informatie keurig apart in de vorm van een resem tekstinstructies. We noemen Lightroom en Camera Raw daarom ook wel ‘metadata-editors’. Dit in tegenstelling tot Photoshop, dat van oorsprong een pixel-editor is.

afbeelding 4

Het grote voordeel van zo’n metadata-editor is dat je de bewerking van één foto heel makkelijk kan synchroniseren met een reeks vergelijkbare foto’s. Heb je 50 foto’s die allemaal dezelfde sepia tint moeten hebben? Corrigeer er een en pas het toe op de 49 andere. Ook dat kan zowel in Lightroom als in Camera Raw.

afbeelding 2

afbeelding 3

Het grote verschil zit ‘m in het feit waar Lightroom en Camera Raw die metadata bewaren: Camera Raw bewaart die metadata in een zogenaamd ‘sidecar’ xmp bestand, dat naast (in het geval van cameraspecifieke raw-bestanden zoals Nikon’s .NEF of Canon’s .CR2) on in het bestand (in het geval van Adobe’s eigen universele DNG-raw formaat) wordt opgeslaan. Als je zo’n xmp bestandje zou openen met een tekstverwerker, krijg je het hele ‘ontwikkelrecept’ van de raw-foto te zien.
In Lightroom wordt die metadata standaard niet in zo’n xmp opgeslagen, maar in een centrale database, de Catalog, waar hij met de andere metadata zoals EXIF (sluitertijd, diafragma, cameramodel) en IPTC (gegevens van fotograaf, model, e.d.) bewaard wordt, samen met een preview (voorvertoning) van de foto. Deze manier van werken heeft een aantal belangrijke voordelen, maar ook een aantal zaken waar de beginnende Lightroom gebruiker zich van bewust moet zijn.

Snelheid

Die manier van werken heeft een aantal belangrijke voordelen: doordat alle metadata in één relatief compacte Catalogus zit, die meestal op een snelle, interne schijf staat, werkt Lightroom veel sneller. Lightroom moet de eigenlijke raw-bestanden (en bijgevolg de schijven waarop die fysiek staan) slechts aanspreken tijdens het bewerken van foto’s en het afdrukken ervan.
Het administratieve werk zoals toekennen van ratings, sterren en sleutelwoorden kan zelfs gebeuren zonder dat de schijf/schijven met de eigenlijke raw-bestanden aangekoppeld zijn.

Verplichte import

afbeelding 5

Vooraleer je in Lightroom ook maar iets met je foto’s kan aanvangen, moet je ze eerst importeren. Eigenlijk betekent ‘importeren’ gewoon dat je aan de Lightroom Catalogus zegt waar (= in welke mappen en op welke schijven) de foto’s staan waar je in Lightroom mee aan de slag wil). Het importeren is dus feitelijk niets anders dan het maken van verwijzingen in de centrale database naar waar de foto’s staan. De foto’s zelf komen niet in de catalogus terecht, enkel referenties naar waar die foto’s staan.
Een belangrijk gevolg daarvan, dat al meer dan één beginnend Lightroom-gebruiker op het verkeerde been gezet heeft, is dat foto’s na import in Lightroom niet buiten Lightroom om van plaats of naam veranderd mogen worden: dan raakt de link in de database immers stuk. Gelukkig voorziet Lightroom in de mogelijkheden om bestanden te hernoemen of te verplaatsen, mocht dat nodig zijn. De moraal is: verander je iets in Lightroom aan de plaats of de naam van een bestand, dan wordt het ook in je Operating System doorgetrokken, maar niet omgekeerd. Dit is veruit het belangrijkste advies voor een zorgeloze Lightroom-start.

Werken met verzamelingen

De database-architectuur van Lightroom, en het feit dat informatie over de foto’s losgekoppeld is van de foto’s zelf, en in een centrale database zit, laat ook het werken met verzamelingen toe. Verzamelingen zijn zoals playlists in iTunes: ze laten je toe om foto’s te groeperen, ongeacht de plaats waar ze fysiek op de harde schijf staan. Verzamelingen zijn voor mij een van de top-features van Lightroom maar worden door zelfs ervaren Lightroom gebruikers nog te weinig gebruikt zoals ik tijdens mijn cursussen voor gevorderden al mocht vaststellen.
Stel dat je huwelijksfotograaf bent en op het einde van het jaar een stand op een beurs geboekt hebt. Waarschijnlijk heb je je foto’s van de verschillende trouwpartijen in mappen op je harde schijf staan: één map per huwelijk. Indien je niet met Lightroom werkt zal je waarschijnlijk het volgende doen: een nieuwe map aanmaken op je computer met als naam ‘Beurs’. Dan doe je één van de twee volgende zaken: ofwel verplaats je je beste shots van hun map naar de map ‘Beurs’. Da’s echter niet zo interessant, want dan staan ze niet meer in de oorspronkelijke map. Dus, wellicht zal je ze eerder kopiëren. Maar ook dat is niet helemaal ideaal, want voor je het weet doe je nog een aanpassing links en een retouche rechts, en heb je verschillende versies verspreid op je computer staan.
In Lightroom is zo’n situatie kinderspel: je maakt gewoon een verzameling ‘Beurs’ aan, en sleept daar de beste foto’s uit de verschillende huwelijksmappen naar toe. Fysiek staan die foto’s nog altijd in hun oorspronkelijke map, maar de verzameling toont ze allemaal netjes samen, zoals een iTunes afspeellijst ook liedjes uit verschillende albums samen kan brengen. Een verzameling mag dan puur virtueel zijn, ze laat wel reële tijds- en efficientiewins toe!

afbeelding 6

Maar… het wordt nog beter: in dit geval moesten we immers nog manueel op zoek gaan naar de foto’s en deze naar de verzameling slepen. Indien onze huwelijksfotograaf zich echter de moeite zou getroosten om na elk huwelijk de beste foto’s die voor het beursoverzicht in aanmerking komen, het sleutelwoord ‘beurs’ toe te kennen, dan kan een zogenaamde ‘Slimme Verzameling’ automatisch alle geschikte foto’s groeperen. Van zodra een foto het sleutelwoord ‘beurs’ toegekend krijgt, komt ie in de Slimme Verzameling terecht. Het is gewoon nog een kwestie van te klikken op de slimme verzameling en een sjabloontje uit de Slideshow, Print of Web Module te kiezen om de foto’s in een handomdraai richting scherm, printer of internet te sturen.

Virtuele kopieën

afbeelding 7

Minstens even interessant als het werken met verzamelingen is de mogelijkheid om te werken met virtuele kopieën: dat zijn verschillende bewerkingen van hetzelfde orgineel. Ook dit wordt mogelijk gemaakt door de database architectuur van Lightroom. Wil je in Adobe Camera Raw een raw bestand in kleur én in zwartwit ontwikkelen, dan moet je dat bestand eerst fysiek dupliceren, om dan elke kopie zijn eigen ontwikkeling te geven. Dat verdubbelt de harde schijf ruimte die nodig is. In Lightroom maak je gewoon een virtuele kopie: een nieuwe set ontwikkelinstructies die verwijst naar hetzelfde bestand. Zo ken ik collega’s die huwelijksfoto’s stelselmatig drie keer ontwikkelen: het origineel in kleur, een virtuele kopie in zwart wit en nog een virtuele kopie in sepia. Alles gaat via de Web-module online, waarna de klant het minuten later al kan aanschouwen op zijn computer. Met een apart aan te schaffen insteekmodule (plugin) kan de fotograaf zelfs zijn foto’s van uit Lightroom online zetten in een website met ingebouwde feedback-module: de klant kiest dan de gewenste foto’s, vult een door de plugin automatisch aangemaakt feedback formulier in en de fotograaf krijgt netjes een email met de bestelde foto’s en gewenste afwerking.

afbeelding 8

Een (optionele) webgalerij voor Lightroom’s web module: TTG Client Response.
De volledige configuratie van de opties gebeurt in Lightroom,
zonder dat je als fotograaf iets van Flash of HTML moet weten.

Het mag uit dit alles duidelijk zijn dat Lightroom méér is dan een (overigens voortreffelijke) raw-ontwikkelaar. Het is een echt geïntegreerd workflowpakket en is ook bedoeld om als dusdanig gebruikt te worden. Om terug te komen op de automobiel vergelijking van het begin van dit artikel: Lightroom kopen en gebruiken enkel voor de Develop module is een beetje zoals een convertible te kopen maar er nooit het dak van te halen: je gaat vooruit, maar je mist een flink deel van de fun!

In een volgende aflevering gaan we verder in op het Lightroom-eco systeem.