Portret

Joy Dekok

Joy Dekok (Nijmegen, 1965) koos ruim dertig jaar geleden voor het vak van fotograaf. Zij kreeg een baan in een bedrijf waar zowel in studio als op locatie werd gewerkt. Daarnaast volgde zij de Nederlandse Fotovakschool in Apeldoorn. Zo maakte zij kennis met een verscheidenheid aan fotografische disciplines, zoals mode, architectuuropnamen, technische fotografie, productfotografie en reproductiefotografie voor onder andere kunstenaars.

Voorgeschiedenis

In de studio werd het materiaal in eigen beheer afgewerkt, zwart/wit ontwikkelen en afdrukken, het ontwikkelen van kleurendia materiaal. Na enige tijd was het werken met licht voor haar iets dat zij haast instinctief leek te doen. Zeer precies en nauwgezet, wel los met veel gevoel voor vormgeving. En haar grote liefde werd portretfotografie in de ruimste zin des woords.

Toen de studio sloot ging zij zelf verder met het ontwikkelen van haar vak en haar visie. In 2008 vervolgde zij haar opleiding voort aan ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten te Arnhem in de richting Fine Art/vrije kunst. Dit leverde haar na de in die tijd vooral technische Fotovakschool nieuwe inspiratie op. Feitelijk stamt Joy nog uit het tijdperk van de analoge fotografie, maar schakelde over op de digitale wereld van heden. Zij bekwaamde zij zich in digitale fotobewerking en retouche, met de nadruk op kunstzinnigheid: “Je maakt tenslotte beelden, geen technische hoogstandjes. Maar alles moet voor mij wél kloppen, perfect zijn. En in zekere zin heb ik erg veel gehad aan de analoge fotografie, waarin niets kan worden verdoezeld, je leert een strakke discipline.”

Een laatste keuze met vijf fotoboeken

Een keuze uit
Gepubliceerd: 16 december 2019

Dit is de laatste aflevering van een maandelijks terugkerende rubriek waarin we een selectie gaven van min of meer recent verschenen fotoboeken. Ditmaal kozen we vijf titels van zeer uiteenlopende boeken. 'Mother' van Paul Graham, 'Murder' van Guillaume Simoneau, 'The Other Side' van Nan Goldin, 'Zilverbeek-Silver Creek' van Lucas Leffler en tenslotte het achtste deel van 'The Opéra', samengesteld door Matthias Straub.

Ik ken weinig uitgevers die zoveel zorg besteden aan het uiterlijk van hun boeken als MACK. Je ziet het ook weer heel sterk bij 'Mother', het nieuwe fotoboek van Paul Graham. Alleen al het papier van omslag en schutbladen is prachtig. Het zacht rose, crêpe-achtige papier omsluit als het ware een grote schat: een serie liefdevolle portretten die de grote Britse fotograaf maakte van zijn moeder.
De eerste negen portretten laten een bejaarde vrouw zien die slaapt – die na zoveel jaren eindelijk eens mag uitrusten, zou je kunnen zeggen. Zorgelijke jaren? Ja, misschien wel, als je af mag gaan op het daarop volgende, door rose bladen afgescheiden portret. De oude vrouw lijkt te kijken in de lens van de camera. Een verdrietige blik? Beseft ze wel dat haar zoon haar fotografeert?
In de daarna volgende portretten slaapt moeder weer.
Graham toont zich wederom een meesterlijke fotograaf in kleur met deze subliem gedrukte foto's. Uit alles spreekt een grote toewijding. Van flatteren is geen sprake. De kleren van de vrouw zien er soms zelfs ietwat verfomfaaid uit. Soms lijkt ze ook zorgen te hebben in haar slaap, soms krijgt haar gezicht juist iets meisjesachtigs.

Uit het rijke leven en werk van Stephan Vanfleteren

Een keuze uit
Gepubliceerd: 26 november 2019

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op 'Present', het prachtige oeuvre-overzicht van Stephan Vanfleteren.

De eerste keer dat ik van de fotograaf Stephan Vanfleteren (1969) hoorde, was toen ik zijn boek 'Belgicum' onder ogen kreeg. Ik was overdonderd, zoals ik ooit overdonderd was door het fotoboek 'Sweet Life' van Ed van der Elsken. Ik kreeg sterk het gevoel dat hier een vergelijkbare grootheid op het podium van de fotografie was verschenen.
'Belgicum' kwam uit in 2007. En de boeken die Vanfleteren sindsdien gepubliceerd heeft alsook de bijbehorende exposities, hebben zijn ster alleen maar hoger doen rijzen. Dat wordt ook nog eens met grote overtuigingskracht bevestigd in het FoMu te Antwerpen waar tot en met 1 maart 2020 de overzichtstentoonstelling 'Present' te zien is. Nooit eerder heeft het museum alle ruimte vrij gemaakt voor een tentoonstelling van één fotograaf. En voor Vanfleteren zelf is het ook de eerste grote overzichtstentoonstelling. Ruim 450 foto's worden getoond.

De zes grondslagen uit de AVG bij foto’s

Eind mei 2019 verscheen een artikel van mevrouw Segaar – redacteur economie bij RTL - waarin zij aangeeft dat er veel onduidelijkheid heerst bij kleine bedrijven en scholen over de Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: AVG) bij het maken van foto’s.[1] Daarom lijkt het mij goed om in deze bijdrage de gevolgen van de AVG bij portretfotografie te behandelen.[2]

Laat ik beginnen door aan te geven dat een foto van persoon waaruit de identiteit van die persoon opgemaakt kan worden (hierna: portretfoto), een persoonsgegeven is in de zin van de AVG.[3] Daarnaast dien ik op te merken dat ook als het zo is dat dat u een foto mag maken (en bewaren) dit niet vanzelfsprekend betekent dat u die foto ook openbaar mag maken.[4]

Vrouwen gezien door Hannah Starkey

Een keuze uit
Gepubliceerd: 28 februari 2019

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op 'Hannah Starkey Photographs 1997-2017' en 'The Opéra Vol. VII, 2018'.

Uitgever MACK bracht een prachtige monografie op de markt met een overzicht van werk van de Noord-Ierse fotografe Hannah Starkey. In één woord zou je haar werk hybride kunnen noemen, want ze vermengt diverse genres, van documentaire tot geënsceneerde fotografie. En er komen alleen maar vrouwen in voor.

In 'Hannah Starkey Photographs 1997-2017' staan veel foto's die de titel 'Untitled' dragen. Ze lijken ook vaak onbestemde momenten vast te leggen zoals de foto van een vrouw in een restaurant die door een beregend raam naar buiten kijkt of van een in zichzelf gekeerde vrouw in een donkere ruimte. Maar vergis je niet, alles is met grote zorgvuldigheid geconstrueerd en in scène gezet. Soms doet een foto aan een filmstill denken. Of aan een schilderij van Hopper. En steeds gaat het over vrouwen in uiteenlopende situaties, thuis, op straat, in een café of waar dan ook.

Vivian Maier blijft verrassen, óók in kleur

Een keuze uit
Gepubliceerd: 25 januari 2019

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op 'Vivian Maier – Die Farbphotographien'.

Het is en blijft een ongelooflijk verhaal. Het verhaal van Vivian Maier (1926-2009), een Amerikaanse nanny (zeg maar kinderoppas) die tientallen jaren op de straten van New York en – vooral – Chicago en omgeving fotografeerde zonder dat iemand, uitzonderingen daargelaten, daar ooit iets van terugzag. Een zeer eigenzinnige alleenstaande vrouw die op het einde van haar leven in de problemen kwam, de huur niet meer betaalde van de opslagruimte waar ze haar gigantisch archief - bestaande uit meer dan 100.000 foto's, negatieven, dia's films en onontwikkelde filmrolletjes - opgeslagen had. En hoe die enorme verzameling, omdat ze niet reageerde op aanmaningen, voor een paar honderd dollar in handen kwam van een veilingmeester die het materiaal in drie parten verdeelde en verkocht aan drie verzamelaars. Dat was in 2007. Het grootste deel kwam in handen van zekere John Maloof. Hij probeerde in contact te komen met de voor hem onbekende fotografe die toen nog leefde maar slaagde daar niet in. Pas nadat hij in het voorjaar van 2009 haar overlijdensbericht in de krant had gelezen, begon hij een aantal foto's op internet te zetten om ze weer door te verkopen.

Het trieste verhaal van Cathy alias Miss Wish

Een keuze uit
Gepubliceerd: 26 november 2018

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op 'An autobiography of Miss Wish' van Nina Berman.

Het is een afschuwelijk verhaal, te erg soms voor woorden. Het is het trieste verhaal van Cathy, alias Kim(berly), alias Queenie, alias Miss Wish. Een vrouw die reeds als kleuter misbruikt werd op seksparty's van haar vader en 'vrienden' en die op haar 12de een relatie kreeg met een man die haar aan de drugs hielp, haar als een slavin uitbuitte, mishandelde en gebruikte voor het maken van kinderporno.
Hoe vertel je zo'n verhaal als fotograaf, hoe breng je zulke ellende in beeld, hoe maak je daar een boek van? Nina Berman laat met 'An autobiography of Miss Wish' op overtuigende en zeer aansprekende manier zien hoe dat kan. Met dank aan Teun van der Heijden die voor het prachtige boekontwerp zorgde. Het boek kwam onlangs, tijdens de afgelopen editie van Paris Photo, op de shortlist voor de Paris Photo/Aperture Foundation Photobook of the Year Award te staan. (De prijs werd uiteindelijk gewonnen door Laia Abril met haar boek 'On abortion').

De intieme naakten van Saul Leiter

Een keuze uit
Gepubliceerd: 30 juli 2018

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op 'In My Room' van Saul Leiter.

Saul Leiter (1923-2013) hoort tot de zeldzame grote fotografen wier werk pas in hun laatste levensjaren in de openbaarheid kwam. Hij hoort daarnaast ook tot de pioniers van de kleurenfotografie. In 2006 – hij was toen al over de 80 – publiceerde Steidl het opzienbarende fotoboek 'Saul Leiter Early Color'. Het bevat een prachtige verzameling kleurenfoto's die Leiter sinds begin jaren vijftig maakte op de straten van zijn woonplaats New York. Vaak naar abstractie neigende foto's van voorbijgangers, stukjes stad, bijzondere details.
Dat hij na zijn dood ook een groot aantal naakten in zwart-wit had nagelaten, was enkel bij intimi bekend. Het nu door Steidl uitgegeven boek 'In My Room' bevat een keuze uit zo'n 3000 foto's die door Leiter zelf afgedrukt werden. En net zoals destijds 'Early Color' biedt ook dit, op het zelfde formaat uitgebrachte boek een verrassende verzameling. Leiter blijkt een nog interessanter fotograaf dan we al wisten.

Frank Doorhof

Een van de fotografen die je telkens weer ziet op Professional Imaging is Frank Doorhof. Het is een waar genot om hem aan het werk te zien met modellen waar hij alles uithaalt, met het licht waarvan hij alles begrijpt, en met het boeiende verhaal dat hij vertelt. Een fotograaf die gewoon heel simpel met twee benen op de grond staan en die ons bijna bombardeert met uitzonderlijk goede beelden en zijn kennis graag deelt met geïnteresseerden. Hij speelt moeiteloos met licht. Bovendien is het een vriendelijke en bescheiden collega die nooit naast zijn schoenen loopt. Maar die wel weet wat hij wil.

Frank’s praktijk bestaat uit het maken portretten, van gewone mensen, van BN-ers en uit modefotografie. Het grootste deel van zijn tijd geeft hij echter workshops modelfotografie, in de studio in Emmeloord, maar ook op spannende locaties in binnen en buitenland. Kastelen, musea en leegstaande industriële gebouwen vormen dan vaak de omgeving. In zijn fotografie en bij workshops legt hij een eigen stijl en opvatting aan de dag met een verrassende creativiteit. Spontane invallen gaat hij ook niet uit de weg.

Over Waffenruhe en de watersnoodramp van 1953

Een keuze uit
Gepubliceerd: 21 februari 2018

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op de heruitgave van Waffenruhe van Michael Schmidt en op De ramp –  De watersnoodramp van 1953 in documentaire fotografie.

Waffenruhe

1987, twee jaar voor de Val van de Muur, verscheen het boek Waffenruhe dat een somber, duister beeld gaf van de stad Berlijn. Enerzijds waren daar de foto's van Michael Schmidt, zwaarmoedige, monumentale foto's in zwart-wit van stadslandschappen, al of niet in de omgeving van de Muur, en van stukjes natuur, heel af en toe onderbroken door portretten van mensen. Anderzijds was daar – een wel heel nadrukkelijke onderbreking van de fotoreeks – een lange tekst van regisseur en schrijver Einar Schleef: een naargeestig en beklemmend verhaal over een al wat oudere man die na zijn scheiding alleen leeft in een leeggehaald huis met als enig gezelschap het konijntje van zijn dochter.

Foto's van een raadselachtige schoonheid

Een keuze uit
Gepubliceerd: 27 oktober 2017

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we onder de aandacht willen brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op enerzijds 'The Japanese Photobook 1912-1990', anderzijds 'Guy Bourdin Untouched'.

De Duitse uitgever/drukker Steidl behoort al vele jaren tot de meest productieve als het om fotoboeken gaat. Het zou me zelfs niet verbazen als hij nummer 1 was op het lijstje internationale fotoboekenuitgevers. Elke keer als er een nieuwe catalogus uitkomt – voor menigeen op zichzelf al verzamelwaardig – verbaast het me weer hoeveel nieuwe titels er bij komen. Voor een deel is dat overigens te danken aan diverse partijen – van uitgevers tot musea – waarmee Steidl samenwerkt. Bovendien verhuizen diverse titels al snel naar de afdeling 'previously announced', waar ze vervolgens niet zelden een tijdje blijven staan.

Voor deze aflevering heb ik gekozen voor twee totaal verschillende fotoboeken die Steidl recentelijk op de markt bracht. Het eerste betreft een zeer omvangrijk naslagwerk: 'The Japanese Photobook 1912-1990', samengesteld door Kaneko Ryuichi en Manfred Heiting. Zoals de titel al aangeeft komen hierin alleen Japanse fotoboeken aan de orde die gepubliceerd werden in de periode 1912-1990. Daarbij zijn inbegrepen boeken over Japan die elders werden uitgeven, bijvoorbeeld in Duitsland.

Grote namen uit de Amerikaanse fotografie

Een keuze uit
Gepubliceerd: 30 augustus 2017

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op twee boeken die uitgegeven werden door Schirmer/Mosel Verlag: Centennial van Irving Penn en Arbus, Friedlander, Winogrand – New Documents 1967.

John Szarkowski leidde meer dan dertig jaar lang het 'Department of Photography' van het Museum of Modern Art in New York, het eerste museum ter wereld met zo'n fotografie-afdeling, opgericht in 1940. Hij is de auteur van diverse belangrijke boeken, waaronder The Photographer's Eye en het vierdelige The Work of Atget (samen met Maria Morris Hambourg) en stelde verschillende spraakmakende tentoonstellingen samen. Een van de meest invloedrijke was de tentoonstelling die hij in 1967 in het MoMA organiseerde onder de titel 'New Documents'.

In deze expositie bracht Szarkowski drie Amerikaanse fotografen samen die op dat moment nog niet zo bekend waren maar inmiddels tot de grote namen van de internationale fotografie worden gerekend: Diane Arbus (1923-1971), Garry Winogrand (1928-1984) en Lee Friedlander (1934). (Laatstgenoemde, de enige van het drietal die nog leeft, timmert als tachtiger overigens nog steeds flink aan de weg). De drie werden gepresenteerd als belangrijke vertegenwoordigers van een nieuwe generatie documentaire fotografen.

De verliefde camera - Ed van der Elsken

Een keuze uit
Gepubliceerd: 1 maart 2017

In deze maandelijks terugkerende rubriek geven we een selectie van min of meer recent verschenen fotoboeken die we graag onder de aandacht brengen. Steeds wordt minstens één van de vermelde titels nader belicht. Deze keer viel de keuze op De verliefde camera - Ed van der Elsken.

In de laatste jaren van zijn leven werkte Ed van der Elsken (1925-1990) aan een boek dat 'zijn beste foto's' moest bevatten. Het boek werd postuum uitgegeven in 1991 onder de titel Once upon a time. De weemoed die de titel wekte, werd nog versterkt door de ontroerende foto op het omslag, waarop we Van der Elskens zoontje Johnny zien die troost lijkt te vinden bij zijn paardje.

De prachtige monografie, in hetzelfde kloeke vierkante formaat uitgevoerd als verschillende andere boeken van Nederlands beroemdste fotograaf, verscheen bij gelegenheid van een retrospectief in het Stedelijk Museum Amsterdam. In datzelfde museum is nu tot en met 21 mei 2017 de tentoonstelling 'Ed van der Elsken – De verliefde camera' te zien die gepresenteerd wordt als 'het grootste overzicht wereldwijd van zijn werk in 25 jaar’. Het gaat om een reizende tentoonstelling die ook Jeu de Paume in Parijs en Fundación MAPFRE in Madrid aan zal doen. Er verscheen een vrijwel gelijknamige catalogus.

Karol Plicka

In deze moderne tijd is het nemen van een foto hoegenaamd geen kunst meer. Een druk op de knop van de digitale camera, of de fotofunctie van de smartphone, levert direct een technisch behoorlijk geslaagde foto op, die je ook nog gelijk kunt bekijken, en desgewenst presenteren of delen met de hele wereld. Dat is iets waar menig fotograaf uit de tijd dat digitale camera's nog niet bestonden alleen maar van konden dromen. Hun aanpak dwong tot goed nadenken alvorens de sluiter van de camera te ontspannen. Niet alleen technisch, maar ook met aandacht voor het onderwerp voor de lens. Dat laatste ontbreekt er nogal eens aan bij digitaal verkregen foto's: technisch in orde, maar inhoudelijk vaak oppervlakkig. Uiteraard heeft de mogelijkheid van snel en ongeremd fotograferen ook weer zijn voordelen voor het verkrijgen van interessante spontane foto's. Desondanks is het goed om eens te kijken naar de doordachte werkwijze en inspiratie van de oude meesters.

Er zijn vele beroemde fotografen die ik in het kader van dit artikel nader zou kunnen beschouwen, maar daarover is in de regel al veel geschreven. Het internet staat er vol van, en herhaling van veel bekende zaken acht ik weinig zinvol. Daarom presenteer ik een in Nederland wat minder bekende, maar zeer bedreven en bevlogen fotograaf (en cineast !) uit het voormalige Tsjecho-Slowakije: Karol Plicka. Zijn blik op de wereld, vervat in prachtige, diepgaande, melancholische, bevestigende en soms zelfs dramatische beelden, is ook nu, in deze snelle digitale tijd, een inspiratiebron voor menig toegewijd fotograaf.

Burn-out

Een van de belangrijkste dingen die ik mijn stagiaires voorhield: Kijk naar het werk van anderen. Niet alleen dat van de coryfeeën maar ook naar de 'onderkant'. Leg voor jezelf vast waar de verschillen zitten. Kijk of een fotograaf bepaalde elementen herhaalt en dan bedoel ik geen stijltrucs maar bijvoorbeeld manieren van componeren en met kleurcombinaties omgaan. Zoek verschillen, vergelijk werk van Doisneau eens met dat van Henri Cartier-Bresson, of van Erwin Olaf.

Ooit heeft de onlangs overleden Harry Bakkers uit Eindhoven mij verteld: 'Een foto moet er "nieuw" uitzien.' Dat heb ik in mij opgeslagen, evenals de uitspraken van een oude leermeester en publieksfotograaf, Piet Politiek. Destijds berucht in de fotovakhandel: 'Wanneer je een ei op honderd verschillende manieren kunt fotograferen kun je alles fotograferen' en: 'Je wordt specialist door je investering.' Waaraan ik zelf toevoeg: 'Je moet een goed gevoel krijgen bij je onderwerp en er zo mogelijk diep in duiken. Zelfs al werk je voor een ingenieursbureau, een kussenfabrikant of een schoolboekenuitgever.'

Karel Waignein

Het is niet om te lachen. De wereld is in gevaar!

'Dit is geen fotografie meer! Dit is beeldmanipulatie!' foeterde een orthodoxe foto-liefhebber toen hij Karel Waignein's surrealistische beelden bestudeerde. 'Het gaat me niet om de zuivere fotografie,' antwoordde Karel. 'Meestal maak ik vooraf schetsen en tekeningen van wat ik wil realiseren. De fotografie helpt me om tot het beoogde resultaat te komen'.

Van Geluwe

'Ik ben begonnen in een oude champignonkwekerij', vertelt Karel Waignein (1959°). 'Het was er zo koud en vochtig... De schimmel stond op mijn soft-boxen. Nu zit ik met mijn studio en kantoor in dit nette bedrijvencomplex, maar ik pin me hier niet vast. Ik ben niet afhankelijk van de bedrijven rondom mij. Ik werk overal. Mijn studio is ter plaatse snel opgebouwd. Momenteel ben ik op zoek naar een ander onderkomen, wel ergens in de buurt, want hier in de grensstreek liggen mijn roots. Om heel precies te zijn ben ik Van Geluwe, maar dat zeg ik niet meer hardop. Die naam is besmeurd sinds de 'relatietje-zo-bisschop' met dezelfde naam.' (Lacht)

Pieter van Gaart

Beginjaren 1990 maakte ik al kennis met Pieter van Gaart, toen hij dubbele- en meervoudige opnamen maakte van stadsgezichten, uiteraard nog geheel analoog. Vijfentwintig jaar later doet hij dat even vanzelfsprekend digitaal, en die vooruitgang is hem een zegen. Zijn recente werk is dan ook sterker en gevarieerder geworden. Toen per 6x6 opname bijhouden wat waar stond, om de volgende beelden er precies naar wens overheen te laten vallen. En bij het vergroten minutenlang doordrukken en tegenhouden, een heel gedoe. Het ging moeizaam, met veel nadenken en plannen. Nu is met Photoshop elk beeld met elk ander beeld of detail daaruit te combineren. Hij neemt nu elk beeld afzonderlijk op, en gebruikt ook (gescande) oudere foto’s en dia’s. Per opname is elk beeld te optimaliseren voor het doel. De mogelijkheden zijn oneindig veel groter, het vooraf plannen is afgenomen, de nadruk ligt nu op het combineren van geschikt materiaal uit zijn hele oeuvre.

Persoonlijk wordt universeel

Wat bleef is zijn idee van ‘doubles’. Pieter speelt met clichébeelden van de stad, en gebruikt elementen als bekende gebouwen, gevels, bruggen en torens. Als een soort ‘anker’, zodat de kijker weet: Amsterdam, of een andere stad. Het gaat er feitelijk om, dat hij de drukte en chaos, of de “rust” benadrukt, spanning aanbrengt, en eerder een impressie geeft dan een net stadsbeeld. Dit doet hij met beelden uit zijn 35-jarige praktijk als fotograaf, tientallen oude foto’s zijn in deze samenstellingen verwerkt. Wij zien een jongeman (“dat is mijn zoon”), een mooie vrouw (“dat was een toenmalige vriendin”), of een groep (“dat zijn mijn beste vrienden”), in één beeld gevat als figuranten in de chaotische stad. Voor hemzelf emotionele elementen uit zijn persoonlijke leven, tot en met de wachtkamer van de oogarts in het OLVG. In zijn beelden krijgen al die elementen een universele betekenis.

Aaron Lapeirre

'Ik kook graag,' zegt Aaron Lapeirre (1986) terwijl hij de pan op het vuur zet. 'Heb jij al gegeten?' Letterlijk 'tussen de soep en de patatten' praten we een hele avond over fotografie en over de absolute vrijheid waarmee het beoefend zou moeten worden. De zomerse avondzon streelt ons op hetzelfde terras waar ik vijftien jaar geleden zijn vader Carl heb geïnterviewd. Aaron was toen nog een puber, maar is ondertussen opgegroeid tot een zelfbewuste jongeman. Sportvliegtuigen dalen, net als toen, in glijvlucht af naar de luchthaven van Wevelgem, juist achter de tuin. De poes vlijt zich tegen mijn been aan en laat duizend haren achter op mijn zwarte broek. De schnitzel smaakt heerlijk!

Vagebond

Elk portret van Anton Corbijn is een ontmoeting

Recensie
Gepubliceerd: 1 mei 2015

Anton Corbijn neemt een aparte plaats in binnen de Nederlandse fotografie. En als eigenzinnig fotograaf van popmuzikanten hoort hij ook al vele jaren tot de absolute wereldtop. Zijn 60ste verjaardag is aangegrepen voor een grote overzichtstentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum waar tot en met 21 juni onder de titel Hollands Deep werk van de afgelopen vier decennia te zien is.

De kloeke catalogus die bij gelegenheid daarvan werd uitgebracht door Schirmer/Mosel geeft een mooie selectie te zien. Onwillekeurig dringt zich de vergelijking op met famouz, Corbijns bejubelde eerste fotoboek waarmee hij in 1989 internationaal naam maakte. Prachtig alleen al hoe dat boek opent met een woest abstract portret dat Don Van Vliet alias Captain Beefheart met oliekrijt van Corbijn maakte. Natuurlijk, Corbijns grandioze fotoportret van de Captain in de Mojavewoestijn is ook opgenomen in Hollands Deep maar anders dan in famouz krijgt hij geen mooie witte lege bladzijde naast zich maar - veel minder aansprekend - het portret van een andere artiest, Joe Cocker, in Scheveningen, 1979.

Mind over Matter

Een keuze uit
Gepubliceerd: 19 maart 2015

In deze rubriek staat steeds één fotoboek centraal waaruit een aantal foto's wordt gekozen.
Ditmaal Mind over Matter van Suzanne Jongmans.

Er verschijnen zoveel fotoboeken dat het niet meer bij te houden is. Dat komt niet op de laatste plaats omdat veel fotografen in eigen beheer boeken uitgeven. Die vind je dus niet in catalogi van reguliere uitgevers. En ook galeries en musea doen mee. Zo kwam ik er ook pas achter dat Galerie Wilms in Venlo afgelopen najaar een boek had gepubliceerd over het werk van Suzanne Jongmans - overigens in samenwerking met de Bredase fotografe zelf.
Toen ik voor de eerste keer iets zag van Jongmans dacht ik aan het werk van Hendrik Kerstens. Ik doel dan op de portretten waarop Kerstens zijn dochter laat poseren alsof ze zo van een schilderij van Vermeer is gelopen. En dat nog wel terwijl haar mutsje bij nadere beschouwing een bevallig geplooid plastic draagtasje blijkt te zijn.
Ook Suzanne Jongmans gebruikt wegwerpmateriaal en laat zich inspireren door oude meesters maar je krijgt al snel het gevoel toch een heel andere wereld te betreden dan bij Kerstens. En niet alleen omdat zij met verschillende modellen werkt, zowel mannelijke (een minderheid) als vrouwelijke.

Jacques Bakker

We hebben er niet om gevraagd en we hadden er niets in te zeggen, en toch is het ons allemaal overkomen: ons leven. Het was een gooi van de dobbelstenen; het lot besliste over de plaats waar we geboren zijn en het tijdstip. Ons leven zou volledig anders verlopen zijn als we in een andere familie, op een andere plek of een ander moment ter wereld waren gekomen. Met de voortdurende ontrafeling van de DNA structuur komen de oneindige variaties te voorschijn in de chemische verbindingen die ervoor zorgen dat ieder van ons uniek is. Ook al heb je een identieke tweelingbroer, toch bestaat er maar één persoon op de wereld zoals jij. Jouw leven als man, vrouw, blanke, zwarte, grote, kleine, slimme, domme, rijke, arme, een sympathieke pee of een etterbak, met alle variaties en nuances daar tussenin, heeft vorm gekregen op het moment dat het zaadje de eicel bevruchtte. Je genetisch materiaal bepaalt zowel je fysieke als mentale talenten én gebreken. Je intelligentie en karakter liggen vast vanaf de bevruchting.

'Deze portretserie zou ik 'Gedwongen Evolutie' willen noemen', zegt Jacques Bakker, 'maar het is een voorlopige werktitel. Die kan nog aangepast worden, maar dat is wel de essentie: ik heb niet om dit leven gevraagd. Ik heb er niet om gekozen te zijn wie ik ben. Ik weet niet wanneer en hoe het ophoudt, en daar ben ik ontzettend bang voor. Iedereen wil lang leven, maar niemand wil oud zijn. Zelf zou ik liever niet ouder worden, want ouderdom brengt niks dan narigheid mee, zowel voor jezelf als voor de mensen rondom jou. Ik heb echter geen keuze: ofwel word ik ouder, ofwel houdt mijn leven op en is het voorbij. Het is een gedwongen evolutie van geboorte naar dood. De filosofie over de lotsbestemming is de basis voor deze reeks. Het leven is een dodelijke ziekte.'

Mensen met een eigen gezicht

Recensie
Gepubliceerd: 5 december 2014

Volgens Stichting Eigen Gezicht telt Nederland zo'n 100.000 mensen met een afwijking aan hun gezicht. Die afwijkingen kunnen het gevolg zijn van zulke aandoeningen als hemangioom of het syndroom van goldenhar, maar ook van een verkeersongeluk of brand.

Bij gelegenheid van de Week van het Gezicht werd een boek gepubliceerd met foto's van Erik Hijweege. Hijweege, - ondermeer bekend van Noir, een fotoboek over Afrikaanse Bosjesmannen en albino’s - houdt zich sinds een paar jaar bezig met collodium fotografie. Hij was het ook die de Stichting Eigen Gezicht benaderde met het idee om een serie portretten te maken met dit 19e eeuwse procedé. Dit vanuit de gedachte 'dat het breekbare van de foto's op glas mooi zou aansluiten bij de breekbaarheid van de geportretteerden'. Maar, zo vervolgt hij zijn dankwoord aan het eind van het boek, hij had het mis: 'De mensen die bij mij in de studio kwamen hadden allemaal juist een heel krachtige uitstraling’.

De zomer van de zwart-wit fotografie in Amsterdam

Emmy Andriesse in het Van Gogh Museum, Dirk de Herder in de Eduard Planting Gallery en Ed van der Elsken in het Stadsarchief.

Emmy Andriesse fotografeerde de wereld van schilder Vincent van Gogh

In het Van Gogh Museum, waar honderden buitenlandse toeristen zich verdringen voor het werk van de schilder, zijn nu de foto’s te zien die Emmy Andriesse (1914-1953) maakte in de sfeer van Van Goghs schilderijen.
In 1951 werd haar gevraagd de wereld van Van Gogh te fotograferen, zij reisde daarvoor naar Frankrijk, naar Auvers-sur-Oise in de buurt van Parijs waar Van Gogh stierf, en naar het zuiden, naar Arles en Saint-Rémy-de-Provence waar hij werkte.
Emmy Andriesse is een van de belangrijke fotografen van de eerste helft van de twintigste eeuw, zij is bekend van die indringende afbeeldingen uit de Hongerwinter, en vooral van de foto die het symbool van die periode werd: het jongetje met het pannetje. Het is honderd jaar geleden dat zij werd geboren: een mooie gelegenheid voor het Van Gogh Museum nu haar foto’s uit de collectie te tonen.

Verminkt door zuur of vuur - maar niet verslagen

Recensie
Gepubliceerd: 11 juni 2014

Voor het leven verminkt door zuur of vuur. Dat zijn de 48 vrouwen die de Duitse fotografe Ann-Christine Woehrl portretteerde voor haar boek 'In/visible - Un/sichtbar'. Vrouwen uit Pakistan, India, Bangladesh, Nepal, Cambodja en Oeganda. De ene vrouw werd door haar man gedwongen om zoutzuur te drinken uit onvrede over de bruidschat, de andere werd door haar man en schoonmoeder overgoten met zuur en in brand gestoken na bevallen te zijn van een meisje. En zo zijn er nog 46 andere gruwelijke verhalen, meestal in een paar regels samengevat.

De titel van het tweetalige boek waarin de portretten en verhalen bijeengebracht zijn, is fraai gekozen. Want deze vrouwen hebben niet alleen vreselijk lichamelijk te lijden (gehad), ze worden ook vaak door hun omgeving genegeerd, alsof ze niet bestaan, onzichtbaar zijn. En de Duitse fotografe maakt ze als het ware weer zichtbaar, geeft ze een gezicht. Dat doet zij op de eerste plaats door hen prachtig te fotograferen in hun mooiste kleren tegen een zwarte achtergrond. Door die zwarte achtergrond worden ze bijna letterlijk losgemaakt van hun dagelijkse omgeving, worden het individuele personen met een eigen wil en waardigheid. En zo kijken ze vaak ook in de lens: hier ben ik. Ze lijken een niet kapot te krijgen schoonheid uit te stralen - en sommigen lachen er ook bij. Niet dat de fotografe het mooier voor wil stellen dan het is. Maar hoe zwaar gehavend de gezichten en andere lichaamsdelen van deze vrouwen ook zijn, ze worden niet neergezet als slachtoffers.

Isabel Corthier

Vier hoog brengt de trap mij naar een uitzicht op de Schelde en de ondergaande zon. Zwaar-geladen binnenschepen varen geluidloos voorbij. Op het Galgenweel, aan de andere kant van de rivier, dobberen Optimist-bootjes estafettes. 'Dat ga ik binnenkort ook doen', zegt Isabel Corthier. 'Leren zeilen: dat heb ik al lange tijd willen doen.'

Moderne Nomaden

'We wonen hier tijdelijk', vertelt Isabel. 'Elke keer wanneer we naar België komen, vinden we wel iets. Soms is het een mooi en groot appartement, soms is het een studentenkamer die we voor een tijdje kunnen huren. Deze keer hebben we geluk. Ze wijst naar de gitaar en de partituren op de lounge sofa die zo groot is als een eiland. 'Nu ben ik bezig met gitaarlessen. Heb ik ook altijd willen doen. Het leven is één avontuur. Je moet alle kansen grijpen die je krijgt.'

Architectuur

We kijken samen naar de gerenoveerde vismijn aan de achterkant van het appartement. 'Prachtig gedaan, hé', zegt Isabel. 'Esthetiek in al zijn vormen kan ik enorm waarderen. Van opleiding ben ik architecte. Ik heb het oog voor verhoudingen gekregen. Vijf jaar gestudeerd en dan drie jaar stage gelopen, waarna ik bij verschillende architecten gewerkt heb, waaronder bij Bob Van Reeth. Mijn eigen huis heb ik helemaal verbouwd, maar gaandeweg ervoer ik dat dit niet mijn ding was. Het sociale aspect miste ik. Ik ben zo graag onder de mensen.'

Over 'Bad Boy', 'The Bomber' en andere kickboksers

Recensie
Gepubliceerd: 12 mei 2014

Ze hebben bijnamen als 'Bad Boy', 'The Bomber'' en 'Murder 187'. Maar ook 'Nectar' en 'The Natural' komen voor. Ze treden op tijdens zogeheten gala's met namen als 'Bijlmer Beatdown', 'Born2Fight' en 'Victory of Hell’. We hebben het over de wereld van het kickboksen. Vechtsporten: fotograaf Janus van den Eijnden moest er vroeger niks van hebben. Toch koos hij op zeker moment voor het onderwerp. En niet zo maar voor een of andere reportage. Nee, liefst twee jaar lang liep hij kickboksgala's af om uiteindelijk tot de conclusie te komen dat het om iets anders ging dan 'een vertoning van simpel geweld'.

'Het is voor mij topsport geworden waarbij het gaat om totale toewijding, precisie, mentale en fysieke kracht en een enorm respect voor elkaar'. Van den Eijnden schrijft dat in het nawoord van zijn boek 'Vechters/Fighters' dat hij in eigen beheer uit wist te brengen. Met het drietalige boek (er is ook een Japanse vertaling van titel en tekst) wil hij tevens 'de wereld van het kickboksen die de laatste tijd vaak negatief in het nieuws verschijnt, van een andere kant belichten'.

Het prachtig uitgevoerde, door Teun van der Heijden vormgegeven boek, bevat 29 portretten van kickboksers plùs een schitterende spread van een galawedstrijd.

Na de strijd

Dat Van den Eijnden de vechters steeds direct na een wedstrijd fotografeerde is te zien aan het zweet en (vaak) het bloed op de gezichten. Het boekformaat is dusdanig dat je de koppen levensgroot of zelfs iets groter voor je ziet. Op de ernaast liggende pagina staat summiere informatie waaronder naam en gewicht en gewonnen of verloren. Onder die tekstpagina zit een deel van een andere vechtersfoto - kennelijk om een denkbeeldige tegenstander te suggereren.

Noortje Haegens

Het is even zoeken, daar aan de Teteringsedijk in Breda. Het opgegeven adres blijkt te vinden op een bedrijventerrein, waar ook Jeugdcircus Woenzini en twee christengemeentes huizen, waaronder een voor Chinezen. Achterin doemt een complex op met diverse ateliers. Noortje Haegens deelt er een ruimte met haar collega Lisa Sore. De eerste maakt video- en fotowerken, de ander schildert. In beider werk speelt de eigen persoon een hoofdrol, maar er is een wereld van verschil tussen de twee.

Noortje Haegens werd in 1985 geboren in Steensel, een van de Acht Zaligheden in Zuid-Oost Brabant. "Een mooie omgeving die heel belangrijk is geweest voor wat ik nu maak", zegt ze. "Tijdens de academie ben ik veel gaan wandelen in de natuur." Ze volgde de afdeling Communicatie en Vormgeving op St. Lucas te Boxtel alvorens in 2007 te beginnen aan de Bredase kunstacademie St. Joost. "Ik was ook aangenomen voor Rietveld in Amsterdam maar St. Joost ligt daar aan de rand van Breda zo mooi en in zo'n mooi gebouw. Als je kijkt naar mijn werk, is dat geen gekke keus."

Onbeschaamde ambtenaar Provincie Gelderland vraagt fotograaf

Tenderplace is een groep op Linkedin waar (technisch) personeel wordt aangeboden en gevraagd. Ook de overheid roert zich daar soms. En zo kwam het dat er een soort tender werd uitgeschreven door een kennelijk verwarde ambtenaar van een van onze Oostelijke bestuurslagen. Kennelijk niet gehinderd door marktkennis en betamelijkheid, liet de Provincie Gelderland weten een plaats vrij te hebben voor een fotograaf.

De eisen waren niet al te misselijk, men had een zware jongen voor ogen, die bovendien bij nacht en ontij beschikbaar moest zijn. Oproepbaar bínnen 4 uur, dus alles uit je handen laten vallen: 'Zur Befehl, Herr General.' Één waarschuwing aan de lezer, ingaan op deze vraag om personeel heeft geen enkele zin, de termijn is helaas verstreken. Eigenlijk jammer, PhotoNmagazine.eu had u, echt en ongelogen eerlijk waar, deze klus want het is geen reguliere baan, van harte gegund. En wie wil er nu niet voor de hier geboden wereldhonorering werken?

www.tenderplace.nl/opdracht/details/1442

Eddy de Jongh

In Amsterdam vond tot en met 1 december 2013 de 26e editie plaats van het IDFA, het International Documentary Festival Amsterdam. Ook de documentaire Foto-Eddy beleefde er de première, te weten op 26 november.
De film ging over het leven van Eddy de Jongh (1920-2002), een fotograaf die ooit naam maakte met fotoreportages over diverse onderwerpen uit binnen- en buitenland en - vooral - met zijn portretten van bekende Nederlanders.
De documentaire werd gemaakt door Eddy's zoon David de Jongh (1967), ondermeer bekend door documentaires over zijn leermeester Frans Bromet en over Otto Frank, de vader van Anne Frank.

Biografie

In het persbericht bij de documentaire zijn de hierna volgende biografische gegevens te lezen:

Professionele voetbalspelers en het portretrecht

In navolging van de kwestie Cruijff/Tirion (lees hier meer) heeft de Nederlandse rechter (Gerechtshof Amsterdam, 10 december 2013 [1]) zich wederom gebogen over het portretrecht van professionele voetbalspelers.

Diverse spelersverenigingen hebben zich op het standpunt gesteld dat de spelers zich op grond van hun portretrecht (artikel 21 Aw) kunnen verzetten tegen de openbaarmaking van hun portret door uitzending van beelden van nationale of internationale voetbalwedstrijden.

Het Gerechtshof te Amsterdam volgt de spelersverenigingen niet in deze stelling. Het Hof bevestigt, in navolging van de kwestie Cruijff/Tirion (Hoge Raad, 14 juni 2013 [2]), dat het portretrecht geen absoluut verbodsrecht behelst. De geportretteerde kan zich verzetten tegen het openbaar maken van zijn portret zonder zijn toestemming voor zover hij daarbij een redelijk belang heeft.